De Weigerambtenaar en het Bruidspaar: Alternatieven voor het Huidige Beleid.

Op 21 november verscheen er op Joop een artikel dat mij zeer irriteerde: Hulde aan de weigerambtenaar. Walt van der Linden begint zijn betoog met een heel kromme vergelijking.

“Een ambtenaar moet een eigen afweging kunnen maken. Zeker zolang de uitvoering van het beleid niet in gevaar komt. Laat een ambtenaar een mens zijn en geen soldaat. Bevorder onafhankelijk denken.”

Deze vergelijking maakt een karikatuur van zowel de soldaat als de Nederlandse ambtenaar. In de eerste plaats is er in het Nederlandse leger en in andere Westerse legers gewoon plaats voor gewetensbezwaren. “Bevel is bevel” hoort niet thuis in legers in dienst van een rechtstaat. Een militair is daarnaast gebonden aan internationale mensenrechtenverdragen. Als een officier een bevel geeft om vreedzame burgers aan te vallen, dan hoort een soldaat dat te weigeren. Uiteraard werkt dat in de praktijk vaak anders en begaan ook legers in dienst van rechtstaten helaas gruwelijke oorlogsmisdaden. Niettemin zijn soldaten net zo goed mensen in de ogen van ons rechtssysteem die beroep mogen doen op hogere ethische principes. Vervolgens poneert Van der Linden een veel genuanceerdere stelling.

“Een ambtenaar moet in staat zijn om op basis van een individuele en morele afweging te weigeren om beleid uit te voeren, zolang de uitvoering van dit beleid niet in gevaar komt.”

In deze stelling kan ik mij veel meer vinden. Helaas komt de wens van Walt van der Linden niet overeen met het huidige beleid.

Mijn grootste bezwaar tegen de weigerambtenaren is dat het niet om gewetensbezwaren in het algemeen gaat, maar slechts om bezwaren in een specifiek geval: het bezwaar tegen het sluiten van een huwelijk tussen twee personen van dezelfde sekse. Dit bezwaar is doorgaans religieus gemotiveerd. Deze weigerambtenaren worden actief beschermd door de confessionele partijen: CDA, CU en SGP. In de hele discussie draait het alleen om bezwaren tegen homoseksuele relaties en niet om morele bezwaren tegen bepaalde andere huwelijken en samenlevingscontracten. Van een strikt persoonlijke morele afweging is helemaal geen sprake.

De overheid communiceert hiermee dat religieus gemotiveerde holebihaat respect verdient. Dit is zeer kwetsend voor iedereen die geen probleem heeft met homoseksuele relaties. Het is tevens problematisch, omdat de overheid hiermee religieus gemotiveerde discriminatie expliciet toestaat. Dit zou zowel buitenkerkelijken als religieuze minderheden ongerust moeten maken. De overheid trekt hier namelijk partij voor een heel expliciete interpretatie van bepaalde Christelijke geschriften en tradities.

Hiermee schendt de overheid twee van diens belangrijkste principes. Nederland heeft het huwelijk opengesteld voor stellen van hetzelfde geslacht. Een huwelijk is dus een huwelijk ongeacht de biologische sekse van de twee partijen. Volgens artikel 1 van de Nederlandse grondwet dienen mensen die zich in Nederland bevinden in gelijke gevallen gelijk behandeld te worden. Discriminatie wegens godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht of op welke grond dan ook, is niet toegestaan. Nederland kent daarnaast vrijheid van Godsdienst en levensovertuiging. De overheid hoort in principe geen partij te trekken voor een bepaalde religieuze overtuiging en al helemaal niet voor een zeer specifieke interpretatie van bepaalde heilige geschriften. Ambtenaren van de burgelijke stand toestaan om paren vanwege hun sekse te discrimineren uit naam van bepaalde religieuze gevoelens is in strijd met de geest van zowel de huwelijkswet als het fundament van de rechtstaat.

De voorstanders van de weigerambtenaar werpen tegen dat er van discriminatie geen sprake is zolang homoseksuele stellen maar in iedere gemeente kunnen trouwen. Dat roept echter wel de vraag op waarom Confessionele partijen dan niet verzoeken om ambtenaren toe te staan om elk huwelijk te weigeren dat tegen hun specifieke religieuze overtuiging in gaat. Er zijn namelijk genoeg andere huwelijken die net zo goed tegen de overtuigingen van diverse Orthodoxe gelovigen zijn.

“Twee geloven op een kussen daar slaapt de duivel tussen.” stelt een bekende Nederlandse uitdrukking Tot eind jaren zestig was in het in Nederland volkomen normaal om een een huwelijk tussen een man en een vrouw van verschillende religieuze overtuiging af te keuren. Toch waren er toen geen officieel beschermde weigerambtenaren. De beste vriend van mijn vader is nog getrouwd door een zichtbaar gefrustreerde ambtenaar die niet blij was dat deze Protestantse man met een Katholieke vrouw trouwde. De ambtenaar in kwestie was overtuigd Katholiek. Daarnaast was hij van mening dat zijn zoon een betere partij was geweest voor de bruid. Ambtenaren hebben sinds de invoering van het burgerlijk huwelijk paren in het echt verbonden, terwijl ze daar om ideologische of persoonlijke redenen lang niet altijd achter stonden. Opeens gewetensbezwaren gaan “respecteren” op het moment dat het huwelijk open wordt gesteld voor homostellen heeft dus overduidelijk meer te maken met respect voor homofobie dan met respect voor religieuze gevoelens in het algemeen.

Dit brengt mij op een stukje emotionele chantage waar voorstanders van de weigerambtenaar graag gebruik van maken.
“Je moet als homostel toch niet willen dat je op de mooiste dag van je leven door een knarsetandende ambtenaar in het echt wordt verbonden.” wordt mij dikwijls voor de voeten geworpen op poeslieve toon.
Vaak geef ik hier het volgende antwoord op:
“Ik wens dit geen enkel bruidspaar toe.”
Ik ben zelf biseksueel. Stel dat ik een man trouw. Denk je dat ik mij in de huidige situatie niet zal afvragen of die ambtenaar daar ook glimlachend had gestaan als mijn Lief een vrouw was geweest? Hoe denk je dat ik mij daarbij voel? Om heel eerlijk te zijn zou ik het onverdraaglijk vinden om door een gewetensbezwaarde ambtenaar te worden getrouwd. Als ik hier op het moment zelf of achteraf achter zou komen dan zou dat mij dat diep kwetsen. Het zou een schaduw werpen over mijn huwelijksdag. Ik ken heteroseksuele stellen die daar net zo over denken.

Het bruidspaar hoort op de trouwdag centraal te staan. Discussies over de weigerambtenaar gaan hier doorgaans aan voorbij. Als een ambtenaar mag weigeren om een bepaald huwelijk te sluiten dan zou een bruidspaar ook mogen weigeren om door een dergelijke “gewetensbezwaarde” ambtenaar te worden getrouwd. Respect voor gevoelens dient bij voorkeur van meerdere kanten te komen.

Ondanks mijn afkeer van de weigerambtenaar in diens huidige vorm, ben ik er niet voor om alle huidige ambtenaren te dwingen om ook homostellen te trouwen. Deze mensen zijn immers aangenomen voor het huwelijk werd opgesteld voor homoseksuele stellen of ten tijde van het huidige gedoogbeleid. Als deze ambtenaren de keuze krijgen tussen ontslag of homostellen trouwen dan zal dat menig huwelijksdag bederven. Ik wil deze ambtenaren ook liever niet in stilte laten lijden ook al keur ik de ideologische reden voor hun leed af. Ik zie meer in een overgangsregeling waarin de bestaande weigerambtenaren volgens hun wensen worden ingeroosterd. Nieuw aangenomen huwelijksambtenaren moeten bereid zijn om iedereen te trouwen die aan de wettelijke voorwaarden voldoet. Het verschijnsel weigerambtenaar sterft dan vanzelf uit.

Een goed alternatief is een bredere invulling van de geest van het voorstel van Walt van der Linden:
“Een ambtenaar moet in staat zijn om op basis van een individuele en morele afweging te weigeren om beleid uit te voeren, zolang de uitvoering van dit beleid niet in gevaar komt.”
Gewetensbezwaren komen dan niet meer alleen voort uit een bepaalde Christelijke traditie en zijn niet alleen maar gericht op stellen van dezelfde biologische sekse. Op die manier trekt de overheid geen partij meer voor een bepaalde religieuze traditie die een probleem heeft met homoseksuele relaties. Ambtenaren mogen dan een lijstje maken van huwelijken die zij om ideologische redenen niet willen sluiten. Wensen worden ingewilligd zolang elk stel maar binnen redelijke termijn kan trouwen.  Als die lijst te veel huwelijken uitsluit, dan moeten ambtenaren daarnaast andere werkzaamheden verrichten of slechts bijzonder ambtenaar van de burgerlijk stand willen zijn. Stellen die trouwen krijgen dan ook het recht om aan te geven of zij wel of niet door een gewetensbezwaarde ambtenaar willen worden getrouwd. Daarnaast vind ik dat ambtenaren van de burgerlijke stand ook verschoningsrecht horen te hebben. Als je om persoonlijke redenen iets tegen het bruidspaar of diens familie hebt dan moet je ook het recht hebben om dat huwelijk door een collega te laten sluiten. Op die manier zullen de meeste mensen zich op een trouwdag op hun gemak voelen en de meeste ambtenaren hun werk met plezier kunnen doen. Dat is uiteindelijk het belangrijkst.

Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...
Share