Fascisme heeft vele gezichten, Geert Wilders ook

August 3, 2011
By

Onder de “disclaimer” gedeelte in de voorwoord van de bijna duizend-pagina’s dikke “World Fascisme: A Historical Encyclopedia” waarschuwt de redacteur, Cyprian P. Blamines, voor de interpretatie en betekenis van de term “fascisme” in deze encyclopedie:

‘Fascism’ in the present work designates a political myth or ideology. There are numerous cases of modern ideologues who produce texts that could be identified as ‘fascist’, but who stay aloof from paramilitary or mass movements and repudiate violence, seeing culture, not the streets or parliament, as the prime arena in which the battle for national, European, or Aryan regeneration is to be fought. They would be likely to resent their ideas being categorized as ‘fascist’ whatever structural links there might be between those ideas and the core ideas of fascism as understood by the contributors to the present work.

Ontleedt ziet de vertaling er zo uit:

  1. Er zijn diverse moderne rechtse ideologieën die als fascistisch kunnen worden beschouwd, maar die verre blijven van paramilitaire of massabewegingen en tevens geen geweld verheerlijken.
  2. Deze bewegingen zien cultuur, en niet de straten of het parlement, als de voornaamste arena waar de strijd voor nationaal, Europees of Arische regeneratie uitgevochten zal worden.
  3. De aanhangers van deze ideologieën zullen het waarschijnlijk aanstootgevend vinden dat hun ideeën worden gecategoriseerd als “fascistisch”,  ongeacht welke structurele verbanden er ook zijn tussen hun ideeën en de kern-ideeën van het fascisme zoals verondersteld door de schrijvers van deze encyclopedie.

De redacteurs en schrijvers van deze encyclopedie zijn niet de minsten; meer dan 100 internationale wetenschappers, waaronder politiek-wetenschappers, sociologen en historici, hebben hun bijdragen geleverd. Echter, van oudsher is er een meningsverschil onder de geleerden van wat fascisme eigenlijk is. Professor Roger Griffin schrijft hierover in de sectie “Defining Fascism” in de introductie van de encyclopedie:

 … [S]ome have focused on the shared technique of the mass rally and the promotion of politics as spectacle, as a theatrical display of military and state power; some have focused on the leader cult, some on the doctrine of corporatism, and some on the resort to the tactics of terror. Several major scholars have defined it in such a way that it excludes Nazism as one of its manifestations.

Heden ten dage is er eindelijk wel een brede consensus (met uitzonderingen) inzake fascisme. Griffin vervolgt met een concrete definiëring zoals de opkomende consensus het fenomeen van wereldwijde fascisme het ziet:

A revolutionary form of ultra-nationalism bent on mobilizing all “healthy” social and political energies to resist the perceived threat of decadence and on achieving the goal of a reborn national or ethnic community. This project involves the regeneration both of the political culture and of the social and ethical culture that underpins it, and in some cases involves the eugenic concept of rebirth based on racial doctrine.

Griffin legt nader uit wat de drie kern-elementen van deze definitie zijn:

  1. Ultra-nationalisme
  2. Revolutie
  3. Wedergeboorte

Hieronder volgt een door mij vertaalde samenvatting van de kern-elementen zoals beschreven door Griffin.

Ultra-nationalisme

De term ultra-nationalisme is absoluut fundamenteel en moet worden begrepen als totaal verschillend van traditionele vormen van nationalisme. Modern Westers  nationalisme is  doorgaans  gebaseerd op “civiele” concepten van nationaliteit naar aanleiding van legale processen die zelfs permanente rechten van burgerschap en vestiging toekennen aan cultureel ongeassimileerde etnische en religieuze groepen. Ultra-nationalisme daarentegen ziet het verschaffen van een paspoort aan een migrant en het aanleren van de officiële landstaal door de migrant  als mechanistisch en zinloos. In plaats daarvan promoot zij  een “etnisch”, “organisch”, of “integraal” concept van nationaliteit dat de superioriteit (primacy) benadrukt van identiteit. Deze identiteit bestaat uit het behoren tot een veronderstelde homogeen cultuur,  een gedeelde geschiedenis, of ras. Deze identiteit geacht te worden ondermijnd door krachten zoals individualisme, consumentisme, massa-immigratie, kosmopolitisme, globalisering, en multiculturalisme.

Fascistische ideologie beschouwt de natie als een levende organisme dat kan floreren, sterven, of regenereren. Het vormt een bovenpersoonlijke (suprapersonal) gemeenschap met een levensgeschiedenis en bestemming van zichzelf dat ouder is (predates) en “louter” individuelen overleefd en een hoger doel toekent aan hun leven. (Tegelijkertijd moet, uiteraard, in gedachten worden gehouden dat fascisten wel degelijk kunnen kiezen om een uiterlijke vertoning van een democratische politieke partij aan te nemen of schijnbaar liberale principes zoals vrijheid van meningsuiting aanroept als onderdeel van  hun tactieken om populaire steun te verkrijgen cq vergroten en de macht te verkrijgen.)

Revolutie

Geen eenduidige patroon kan worden omschreven voor het type natie-gemeenschap dat zou voortkomen uit een succesvolle Utranationalistische revolutie. Blijkens de definitie zijn er historisch alleen twee daadwerkelijk regimes geweest die gedefinieerd kunnen worden als fascistisch: Fascistisch Italië en de Derde Rijk, en zij verschilden heel erg op gebieden zoals de ambitie van hun koloniaal beleid, inzetten van staats-terreur, de implementatie van beleid van raciale purificatie en etnische zuivering, en de controle van “culturele productie” (schilderen, literatuur, architectuur, enzovoorts). Deze twee regimes kwamen voort uit een unieke constellatie van historische factoren het beleid (policy) conditioneren op zaken zoals territoriale expansie, technologie, de participatie van de arbeidersklasse en de boerenstand, religie, kunst, demografisch beleid, vrouwen, of ras.   Deze regimes illustreren ook dat fascistische bewegingen heel tegenstrijdige houdingen kunnen herbergen naar ten opzichte van artistiek-modernisme, het in stand houden van private industrie en financieel-kapitalisme, de rol van het platteland als de bron van raciale regeneratie (herschepping), en de behoefte om een fascistische “Internationale” te creëren om een wedergeboorte tot stand te brengen, niet van individuele naties maar van de Europese cultuur zelf.

Wedergeboorte

Wellicht de meest kenmerkende karakteristiek van de definitie “fascist”, is het belang dat het toekent aan de visie van regeneratie ofwel wedergeboorte. Deze termen communiceren organische connotaties van terugdraaien van verval en van wederopleving in plaats van louter omverwerping van een systeem om het te vervangen door een ander.

Deze mythe is nauw verbonden is met het idee van “zuivering”, “purificatie”, of “verlossing” van de natie zoals benadrukt in andere definities van fascisme. Deze zuivering houdt wordt door een aantal processen tot stand gebracht.  De vernietiging van het bestaande liberaal of conservatief systeem van uitermate ingrijpende vormen van sociaal beleid.  Het uitgebreide vertoon van rituele politiek zoals  de leiders cultus.  Al deze prominente kenmerken worden gedeeld door Italiaanse Fascisme en Nazisme.  Eenmaal aan de macht, waren dit geen doelen op zich, maar middelen om de transformatie van de maatschappij tot een geregenereerde nationaal-gemeenschap tot stand te brengen. De opzetting van een nieuw politiek systeem en de militarisatie van de maatschappij waren niet de leidende standpunten van de fascistisering (fascistization) van de natie, maar eerder de voorwaarden of nevenverschijnselen van een diepere gedaanteverwisseling die fascisten te weeg willen brengen in de aard van de maatschappij.  Hun uiteindelijke doel – net als die van de autoritaire communisten- was het creëren van een nieuw nationaal karakter, een nieuw mens.

Verre van een modern idee, wedergeboorte is een van de fundamentele archetypes in de geschiedenis van menselijk mythevorming, een cruciaal rol spelende in de kosmologie en ritueel, ongeacht metafysisch of seculier, in praktisch alle menselijke maatschappijen die hebben  bestaan sinds de tijd van de Neanderthalers.

Het belang dat de belofte van uitgebreide sociale vernieuwingen behaalt binnen de dynamiek van het fascisme is niet beperkt tot de emotionele invloeden dat het kan produceren op een elite of toegewijde fanatiekelingen. De vaagheid van de mythe van wedergeboorte is van essentieel belang voor een fascistische beweging om de steun te verwerven van mensen met zeer uiteenlopende sociale achtergronden, verschillende waardesystemen en conflicterende theorieën van hoe specifieke tekortkomingen van de maatschappij kunnen worden rechtgezet. Het vermogen van fascisme om onder de “juiste” historische omstandigheden warrige en gefragmenteerde electoraat van vervreemding en utopisme een verenigd beweging te smeden is in niet geringe mate dankzij de kracht van het denkbeeld van een onduidelijk geformuleerde vernieuwing of palingenesis om de conflicten tussen concurrerende visies van de nieuwe orde teniet te doen.  Zonder dit  “mythopoetische” bindmiddel  zou een dergelijke beweging al snel resulteren in onomkeerbare fragmentatie.

Tot zover de definiëring van fascisme volgens de historische encyclopedie. Hieronder is deel 1 van de

Nu volgt een uiteenzetting en verdere analyse van Wilders en de PVV, gebaseerd op de artikel “Geert is een clown” van Rutger Bergman, gepubliceerd op Joop.NL

Bregman beschrijft een hypothetische scenario van PVV-geweld en vergelijkt het met een waargebeurde moord op de socialist Giancomo Mattioti in 1924 door Mussolini-fascisten. Bregman komt tot de conclusie: “De twee verschillende scenario’s laten zien waarom het absoluut onzinnig is om de PVV met het fascisme te vergelijken,” vanwege de afwezigheid van geweld bij de PVV.

Een politieke moord (door fascisten of door boeddhisten) is wat het is, een politieke moord. De Surinaamse Desi Bouterse is verantwoordelijk voor de moord op vijftien tegenstanders van zijn militaire regime. In de perceptie van Bouterse was dat een belangrijk onderdeel van het doorvoeren van zijn wil, en het intimideren van andere tegenstanders.

Geert Wilders is weliswaar geen moordenaar, maar hij kan wel worden gezien als iemand die geweld als een oplossing ziet. In het eerste deel van mijn serie over de psychopathologie van haatgroep PVV schreef ik hierover:

Tijdens mijn onderzoek raakte ik vaak genoeg in gesprek met deskundigen –psychologen, psychiaters, dokters, historici en anderen- die mijn thesis niet deelden. Uiteraard is dat hun goed recht, maar iets zo complex als de psychopathologie van haatgroepen is niet een-twee-drie uit te leggen. Diegenen waarvoor ik de tijd nam om mijn onderzoek uitgebreid toe te lichten waren na afloop veel eerder bereid de scenario’s zoals in dit hoofdstuk beschreven te geloven. De meeste deskundigen zijn te ver van het onderwerp verwijderd en denken dat vooral stadium 6 en 7 nimmer in Nederland zal plaatsvinden. Maar het fanatieke deel van de 1.5-2 miljoen volgers van de Partij voor de Vrijheid zijn zelf tot een “burgeroorlog” bereid, hoe vergezocht dat ook klinkt. De PVV-leider, Geert Wilders, zei in een interview met de HP/De Tijd:

“Wat wilt u dan dat ik zeg: landgenoten, trekt ten strijde tegen criminele allochtonen? Ik zit hier juist om te voorkomen dat er rassenrellen uitbreken. Maar ik wil er dus wel iets aan toevoegen. Mocht het ooit tot rellen komen, wat ik dus echt niet wil, dan hoeft daarvan niet bij voorbaat een negatieve werking uit te gaan. Met die rellen schudt de samenleving de politiek wakker en dwingt haar alsnog daadkrachtig in te grijpen, voordat het echt te laat is en er misschien een revolte uitbreekt.” 

Rassenrellen zijn ook een kenmerkend fascistisch geval van geweld. Van deze uitspraak kan worden afgeleid dat Wilders een ras-tegen-ras aanvaring niet verafschuwt. Ook kan worden opgemerkt dat Wilders dus wel degelijk in een homogeen Nederlandse ras gelooft.

Bregman claimt: “De kern van het fascisme, geweld, is echter totaal afwezig in zijn ideologie. Mussolini claimde heel bewust de politieke verantwoordelijkheid voor Mattioti’s dood. Geert wist niet hoe snel hij naar zijn telefoon moest grijpen om te twitteren dat hij het drama in Noorwegen ook zo tragisch vond.”

Bergman maakt hier drie feitelijke fouten:

  1. Hij claimt dat geweld centraal staat in het fascisme.
  2. Hij claimt dat geweld afwezig is in de ideologie van Wilders.
  3. Hij claimt dat Wilders’ steunbetuiging bewijs is van zijn niet-fascistoïde tendensen.

Zoals reeds eerder aangetoond is geweld niet per definitie de kern van fascisme; het is een bijkomstigheid. Het moge duidelijk zijn dat als de tegenstanders niet buigen voor de totalitaire ideologie van de fascisten dat de laatsten dan hun wil zullen doordrukken met geweld. Ook daar acht ik Wilders en zijn volgelingen toe in staat. Voor een uitleg verwijs ik naar de serie psychopathologie van de PVV.

De steunbetuiging van Wilders is er een dat voortkomt uit zelfbehoud. Alhoewel zijn ideologie een-op-een te vergelijken is met die van de aanslagpleger Anders B. Breivik, kan hij moeilijk de hand in eigen boezem steken en wereldkundig maken dat hij een zielsverwant ziet in Breivik.

Bregman concludeert: “Geweld bracht Mussolini aan de macht, geweld zou het einde van de PVV betekenen.”

Dit is een drogreden om vele redenen, niet in de laatste plaats omdat het feitelijk onjuist is. Wikipedia beschrijft de machtsovername door Mussolini in 1922 (dus twee jaar voor de moord op Mattioti):

Eind oktober 1922 werd besloten om de hoofdstad Rome over te nemen. Er werd besloten om vanuit vier verschillende richtingen naar Rome te marcheren, waarna een (vreedzame) overname van de stad zou moeten volgen. Iedere groep werd geleid door een vooraanstaande fascist. De regering was sterk verdeeld. De premier wilde het leger inzetten tegen de fascisten (al droegen sommige soldaten onder hun uniform hun zwarte hemd), maar hiervoor was de toestemming van Koning Victor Emanuel III nodig. Deze vreesde echter voor een burgeroorlog als er soldaten zouden overlopen. De regering viel en de koning bood Mussolini (die overigens niet meeliep maar in Milaan bleef en een vluchtweg naar Zwitserland had voorbereid voor het geval dat de mars mislukte) het premierschap aan; Mussolini accepteerde en kwam meteen naar Rome. Hij werd premier van een coalitiekabinet van fascisten, katholieken, liberalen en socialisten. Mussolini keerde zich echter spoedig tegen zijn coalitiegenoten en gooide ze één voor één uit de coalitie: de socialisten werden als eersten weggewerkt en moesten ondergronds gaan opereren, de liberalen werden uit de regering gezet, maar mochten hun zetels in het parlement behouden, mits zij de fascistische politiek zouden steunen. De katholieke partij werd het werken onmogelijk gemaakt. Een deel van haar leiders week uit naar het buitenland. De rest van de partij opereerde sindsdien eveneens ondergronds.

Wilders is de verkondiger van een totale oorlog en bezigt oorlogstaal in zijn toespraken en interviews. Hypothetisch gesteld: zodra Wilders het tijd vindt zou hij ineens zijn vreedzame positie kunnen veranderen in een gewelddadige, vooral als hij echt denkt dat “zijn volk” geslachtofferd zal worden op het altaar van multiculturalisme en Islam. Wederom, het hoeft niet per se zo te zijn dat de machtsovername met geweld zal gaan. Het kan op democratische wijze of met enige intimidatie ook lukken. Dat is in de jaren ’30 immers in Duitsland gebeurd. Het niet plegen of nastreven van een acuut gewelddadige staatsgreep, maakt de beweging er niet minder fascistisch op.

Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...
Share

Tags: , , , , , ,

One Response to Fascisme heeft vele gezichten, Geert Wilders ook

  1. Sonja on August 4, 2011 at 11:19

    Zelf hanteer ik een vrij eenvoudige betekenis voor fascisme. Fascisme is een ideologie die repressie en geweld boven het Recht stelt.

Leave a Reply

Time in the Netherlands

Promote Politeia Libertas

Share

Categories