Hoe radicaliserende individuen denken

Vorig week publiceerde collega Sofia van der Linde een zeer overtuigend stuk over de rassenwetten van de Partij voor de Vrijheid: De PVV wil rassenwetten invoeren. Wij hebben dit vaak besproken, en zij kwam mij te hulp bij een ingewikkelde discussie naar aanleiding van mijn eerdere stuk, “NSB- en Nazi-achtige retoriek van Wilders en de PVV” waarin meerdere mensen bij hoog en laag beweerden dat de PVV niet racistisch is. Collega van der Linde geeft perfect de racistische bedoelingen weer die in het PVV-verkiezingsprogramma staan.

Eerder publiceerde ik, “Wilders’ Kampf: Zijn PVV’ers Bezorgde Burgers of Racisten?” waarin ik schreef over racisme door PVV-ers:

De meest opvallende en tegelijkertijd meest verkapte racistische uiting van het laatste decennium is de zware kritiek op de multiculturele samenleving. Er is geen economische of sociaalwetenschappelijke reden om de multiculturele samenleving zo erg te bekritiseren; het is een onderbuikgevoel, vooral heersend onder de autochtone werkende klasse die veelal geen boodschap –laat staan behoefte- heeft aan menselijk verscheidenheid en culturele diversiteit. De mensen van de werkende klasse zijn ook gekant tegen cultuur in algemene zin, behalve als het hun eigen platte en simpele cultuur betreft. Bij hen geldt de uitspraak “Doe normaal, dan ben je gek genoeg” als een 11de gebod. Er is sprake van een vrijwillige afsluiting van de rest van de samenleving waarbij men zich op individueel niveau voorziet van uitsluitend dat wat hen aanstaat. Deze inwaartse beleving is desastreus voor de sociale aspecten van de mens, en wanneer men zich bewust raakt van de isolatie zoekt men aansluiting bij anderen, meestal zijn dat mensen die zich in het zelfde schuitje bevinden. In de partijpolitieke zin is dat de eerste stap van radicalisering.

Het is een psychologisch gegeven. In de Blackwell Handbook of Social Psychology is de aanzet van negativiteit beschreven:

[A] given experience or perception can contribute to or detract from an individual’s initially positive evaluations depending on whether or not that experience or perception is consistent with the individual’s beliefs and values.[1]

Het negativisme heersende onder de mensen vormt een vicieuze cirkel. Men raakt verzeild in een geconditioneerde situatie waarbij men zichzelf als benadeelde of zelfs slachtoffer ziet. Dit versterkt het beeld wederom, leidende tot een circulair belevings- en levenspatroon. Wederom is dat duidelijk beschreven in Blackwell:

… [R]ather than beliefs and values determining the global meaning of specific experiences, it is equally likely that specific experiences may affect the development of beliefs and values within the individual.[2]

Een normaal, sociaal mens zal zich als individu in het geheel laten opgaan. Terwijl men zich bewust is van het eigen “hebben en houden” is men ook bewust van mens en maatschappij. Men zal rekening houden met anderen en zich ook sociaal opstellen. In de wereld en beleving van de radicaliserende individualist zijn hij en zijn naasten het belangrijkste, maar daarbuiten bestaat er voor hem geen echte band met de rest van de wereld.

In een eerder stuk, “Filosofie en psychologie van idealisme”, behandelde ik uitvoerig de persoonlijke en sociale idealen van de mens,  en in het bijzonder zijn politieke idealen, om zodoende het radicaliseringproces nader te verklaren. Roderick Stackelberg, Professor Emeritus in Geschiedenis van Gonzaga University (Washington, VS), beschrijft de politieke verdeeldheid in idealismen als volgt:

The essential difference between left and right lies in their attitude toward human equality as a social ideal. The more a person deems absolute equality among all people to be a desirable condition, the further to the left he or she will be situated on the ideological spectrum. The more a person considers inequality to be unavoidable or even desirable, the further to the right he or she will be. On the extremist fringes of this spectrum are persons or movements who will go to any length to achieve their utopian ideal: on the left the egalitarian utopia in which the weak and the strong share equally in the benefits of their society; on the right the inegalitarian anti-utopia in which the strong receive the benefits due to them by virtue of their natural superiority and the weak, however perversely defined, are dispensable, deprived, and excluded.[3]

Stackelberger verwoordt het wezenlijk verschil tussen links- en rechts politiek. In mijn mening zijn de doorsnee PVV-ers geradicaliseerd in diverse opzichten. Vooropgesteld moet worden dat een geradicaliseerd mens ongelukkig is in zijn wezen. Er zal altijd een soort van bewust of onbewust paranoïdeachtig gevoel zijn dat geprikkeld wordt door gebeurtenissen of omstandigheden waarin hij zich bevindt, of waarover hij zich bekommert en zich derhalve vanuit een cognitief perspectief betrokken of aangesproken voelt.

De 18de eeuwse politiek-filosoof Jean-Jacques Rousseau beschrijft in The Social Contract de positionering van het individu in de politieke orde:

“Each of us puts his person and all his power in common under the supreme direction of the general will, and, in our corporate capacity, we receive each member as an indivisible part of the whole.”[4]

De hiërarchie zoals Rousseau die beschrijft is een vrijwillige onderwerping van een persoon aan het politieke systeem. Maar voor een radicaliserende individualist zal dit een verstoring zijn van zijn politieke gemoedstoestand, met name wanneer hij het politieke systeem allerlei zaken (zoals de zogenaamde mislukking van de multiculturele samenleving of de dreigende islamisering) kwalijk neemt. Zijn enige machtsmiddel is dan zijn stem tijdens de verkiezingen, die hij dan ook zal doen gelden.

Het politieke landschap waarin de radicaliserende zich bevindt is dus eender een mijnenveld voor hem. De individualist zal zijn asociale aspecten onderdrukken om zijn vlucht uit dit mijnenveld te realiseren. Hiervoor zal hij zijn heil zoeken bij soortgelijken en zich op laten nemen in het collectieve en vice versa.

Leestip:

1) Voor een diepte-analyses over de individuele aansluiting (politiek) lees http://poli2020.wordpress.com/2011/01/08/wilders%E2%80%99-kampf-analyse-van-zijn-achterban-en-zijn-nationalistische-revolutie/;  en

2) Voor een diepte-analyse van radicalisatie (haat), lees http://poli2020.wordpress.com/2011/03/15/psychopathologie-van-wilders-en-aanhang-stadium-1-de-groep-verzamelt/


[1] Blackwell Handbook of Social Psychology. p.40

[2] Ibid.

[3] Roderick Stackelberg, Hitler’s Germany: Origins, Interpretations, Legacies, London (VK), Routledge, 1999,  pagina 4

[4] Jean-Jacques Rousseau,The Social Contract or Principals of Political Right,1762, Boek 1, Hoofdstuk 7

Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...
Share